De Amsterdamse beurs is maandag met een verlies aan de nieuwe handelsweek begonnen, na een tegenvallend cijfer over de bedrijvigheid in de eurozone.
De AEX eindigde 0,4 procent lager op 432,57 punten, de AMX steeg juist 0,6 procent op 652,02 punten en de AScX sloot 0,6 procent in het groen op 758,52 punten.
"Een dag om snel te vergeten, als je alleen naar de AEX kijkt", aldus Rein Schutte van Indexus. De beleggingsadviseur sprak daarbij van weinig volume en "rare bewegingen in de ochtenduren" die niet goed te verklaren vielen, maar waarvan de oorzaak mogelijk in de Duitse markt gezocht moet worden.
Beleggers kregen vanochtend voorlopige cijfers over de bedrijvigheid in de industrie en dienstensector in mei te verwerken. "Hoewel de Duitse en Franse samengestelde inkoopmanagersindexen positief waren, viel de index voor de eurozone in zijn geheel tegen", aldus Cees Smit van For Tomorrow.
De inkoopmanagersindex voor zowel de industrie als de dienstensector in de eurozone daalde van 53,0 in april naar 52,9 in mei. Vooraf geraadpleegde economen voorzagen juist een stijging tot 53,2.
De Franse samengestelde inkoopmanagersindex steeg evenwel van 50,2 in april naar 51,1 in mei. Dit betekende het hoogste niveau in zeven maanden. De Duitse index steeg van 53,6 in april naar 54,7 in mei, het hoogste niveau in vijf maanden.
Het cijfer uit Frankrijk en Duitsland was volgens Schutte van Indexus iets beter dan verwacht, wat volgens de beleggingsadviseur "impliceert dat Spanje of Italië tegenvallen".
De olieprijzen stonden maandagmiddag onder druk. Een juli-future op een vat West Texas Intermediate noteerde 0,9 procent lager op 49,97 dollar en een juli-future Brent werd 1,3 procent minder waard op 48,10 dollar.
De euro/dollar noteerde rond het sluiten van de beurzen in Amsterdam op 1,1201. Het muntpaar noteerde bij aanvang van de handelsdag nog op 1,1229.